De zon staat wel symbool voor het Ene. Het ultieme, ondeelbare, goddelijke dat alles doordringt, in alles straalt en alles is. Wijzelf zijn de zon.
Het doel van het leven is om de zon in ons te ontsluieren, zodat zij in al haar volheid in ons Hart kan stralen.
Door: Eddy Karrenbelt | foto: Pixabay
We moeten de zon ontdoen van haar bedekking en aandacht geven aan ons innerlijk gewaar zijn, zodat ze ‘haar gezicht kan laten zien’. Iedereen gaat daarbij zijn eigen weg, met het leven als beste leermeester.
In 1995 schreef ik er onderstaand liedje over:
Zon laat je gezicht zien
geboren liever nog verstopt
verborgen kleinood in jouw dop
verbonden door een ziele draad
weet waarom het gaat
eerst wat schuchter en verlegen
later vooral tegendraads
niemand die herkent jouw vraag
vraagt waarom het gaat
refrein:
hé sta op
doe mee voortaan
liefde die overwint
zon laat je gezicht zien
overrompeld door gevoel
vreemdeling in de tijd
niemand die jou verstaat
weet waarom het gaat
verwarring uitdrukking van kwijt
mist verbinding met de eeuwigheid
niemand kent jouw verhaal
spreekt dezelfde taal
jouw ontdekking een geschenk
herkenning dient zich aan
na ervaren komt jouw weten
je hoort je naam
jouw liefde vindt haar weg
langs onbekende paden
jouw vertrouwen komt met name
in overgave
Een oude, eenvoudige opname van het liedje, is te vinden op YouTube:
In de oude Egyptische mystiek stond de zon symbool voor: bewustzijn en verlichting. Orde tegenover chaos. De zon werd verbonden met het ‘alziend oog’, ook geduid als het innerlijke zien. In ons leven zouden we de cyclus van de zon moeten doorlopen: van afdalen in de onderwereld (onwetendheid), naar transformatie (ontsluiering) en vereniging (weer opgaan in de zon).
De zon, die wij wezenlijk Zijn, geeft leven aan alles, is scheppend, en alles bestaat door haar licht.
In de Indiase traditie staat de zon voor het hoger bewustzijn, de innerlijke bron. Ook hier gaat onze weg van onwetendheid naar verlichting.
Alles op de weg is er voor ons én als je het wezenlijke, de zon, zoekt, weet er zeker van dat zij jou zoekt. In column 19 stond hierover al een liedje: ‘Zij, de zon, roept jouw naam.’ De tekst gaat als volgt:
Zij roept jouw naam
het groene land ligt aan jouw voeten
‘t stille water spiegelt jouw gelaat
de blauwe lucht kijkt in jouw ogen
de straffe wind die geeft jou vaart
de zon verwarmt je eens te meer
de zon brengt ommekeer
zingt het hoogste lied
jouw eigen lied
zij roept jouw naam
het groene land draagt jouw voeten
’t golvende water wast je schoon
de heldere lucht raakt in jouw ogen
de zachte wind die blaast jouw toon
de zon verwarmt je eens te meer
de zon brengt ommekeer
zingt het hoogste lied
jouw eigen lied
zij roept jouw naam
zij roept jouw naam
zij roept jouw naam
Een eenvoudige opname is te beluisteren op YouTube:
In het Taoïsme wordt ook gesproken over de zon en haar zonnestralen:
‘Een leerling vroeg aan een taoïstische meester:
‘Meester, wat moet ik doen om in eenheid met Tao te leven?’
De meester zei: ‘Hoe meer je je best doet, hoe verder je van Tao afraakt’.
Verbaasd vroeg de leerling wat hij dan aan die afstand kon doen.
De meester zei: ‘Leren inzien dat die afstand er niet is’.
‘Betekent dit dan dat Tao en ik één zijn?’ vroeg de leerling verbaasd.
‘Ja en nee’ antwoordde de meester.
‘Nu weet ik nog niets’, zei de leerling teleurgesteld.
De meester zei: ‘Zoals de zon en haar straling niet één zijn, maar ook niet twee’.
De Yoga Vasistha zegt het anders:
‘Als je denkt dat de lichtstralen iets anders zijn dan de zon en er los van bestaan, dan hebben de lichtstralen een eigen werkelijkheid. Als iemand meent dat een gouden armband een armband is, dan is het voor die persoon ook een armband en geen goud. Alleen als iemand realiseert dat de lichtstralen in niets verschillen van de zon, dan heeft hij bereikt dat zijn hart niet gebonden is aan objecten. Het idee van op zichzelf bestaande objecten en diversiteit lost op en hij vestigt zich in het wezenlijke.’
Ook al lijkt zij bedekt. Wij zijn de zon, de stralendheid zelf.
Wij zijn de zon
onze ware aard
is de stralendheid zelf
die alles verlicht
onthuld …
is er niets meer
uit te vlooien
noch te zuiveren
te voltooien
te verzaken
te volbrengen
niets meer
om te kennen
in onszelf stralend zijn …
is er niets meer om te willen
te lawaaien
te verstillen
is er niets afzichtelijk
noch prachtig
niets gevonden
noch verloren
zijn wij
tijdloos
ongeboren
in al haar gloren
de zon
Ik sluit af met meester Eckhart:
‘In het innerlijkste, waar niemand thuis is (waar geen enkel onderscheid naar binnen ziet, noch de Vader, noch de Zoon, noch de Heilige Geest), daar neemt dat licht genoegen, en daar is het innerlijker dan het in zichzelf is, want deze grond is een enkelvoudige stilte, die in zichzelf onbeweeglijk is, en door deze onbeweeglijkheid worden alle dingen bewogen en worden al die levens ontvangen die weldenkend in zichzelf leven’.
Over de auteur
Eddy Karrenbelt heeft reeds geruime tijd een coach praktijk. Daarnaast schrijft hij liedjes en gedichten en treedt hiermee op. Hij heeft daarnaast ruime ervaring in leidinggeven. Dit vanuit een brede achtergrond: van binnenstedelijke projectontwikkeling en beheer openbare ruimte tot werk en inkomen en het brede sociale domein. Zijn inspiratie vindt hij in de mystiek. Voor meer info: www.praktijkvoorbewustwording.com.






