Geschreven door 12:02 Verdieping

Want is er leven, is er leven na de dood?…

Freek de Jonge zong het zonder vraagteken. Maar dat was dan ook een parodie. Een parodie op een al te stellige en primitieve voorstelling van het hiernamaals. Een walhalla. In een recent interview (PZC en Tubantia) gaf ik zelf aan niet te geloven in zo’n ‘leven na de dood’. Dat bleek voor sommige mensen toch nog schrikken, als een dominee dat beweert. Maar met zo’n quote is natuurlijk ook lang niet alles gezegd…

Door: Wim Jansen | Foto: Pixabay

Totaliter aliter
Bekend is het verhaal over de twee monniken die hun hele leven bezig zijn geweest met een standaardwerk over het leven na de dood. Ze spreken af dat, als één van hen overlijdt, deze aan God om een gunst zal vragen, namelijk om nog één keer terug te mogen komen om nog één woord tegen de achtergebleven makker te spreken. Dat zal dan het woord ‘taliter’ zijn. Dat is Latijn voor: ‘het is zo’, ‘het is zoals wij het hebben beschreven’, of het zal zijn: ‘aliter’ en dat betekent: ‘nee, het is toch anders.’
En jawel, een van de twee monniken komt te overlijden en krijgt toestemming van God om terug te keren. Hij spreekt echter niet één woord, maar twee: ‘totaliter aliter’: het is totaal anders.

Zoete aardbeien
Totaal anders. Misschien willen we ons er te graag iets bij voorstellen. Of denken we dat anderen daar behoefte aan hebben. Ik heb mij als voorganger in uitvaarten er ook wel aan bezondigd. Dat ik mensen onderschatte en meende naar hun voorstelling – of liever: mijn voorstelling van hun voorstelling – toe te moeten kruipen.
Zo was er een fruitteler die samen met zijn vrouw een klein, maar bloeiend bedrijf had gerund. In het dorp werd zij wel ‘het aardbeienvrouwtje’ genoemd, omdat zij elke zomer met een kar aardbeien langs de deuren toog. Ze overleed nog betrekkelijk jong aan een lelijke kanker. Toen ik voorging in haar uitvaartdienst dacht ik er goed aan te doen mijn fantasie de vrije loop te laten want, zei ik, ‘we mogen best fantaseren’. In mijn overdenking zei ik dan ook: ‘Ik denk dat zij nu heerlijke zoete aardbeien aan het plukken is…’

Ik meende er goed aan te doen het zo voor te stellen en dramatisch is het ook niet, maar toch een vergissing… Want onlangs belde haar man mij naar aanleiding van het genoemde interview. Kun je nagaan, bijna twintig jaar na het verlies van zijn vrouw. Vriendelijk maar fijntjes voegde hij me toe: ‘Nou zie ik dat u toch zelf ook niet gelooft in leven na de dood. Toen u dat zei van die aardbeien dacht ik al: ik geloof nooit dat zij nu aan het werk is…’   
De fruitteler had het beter begrepen dan de theoloog: Totaliter aliter…

Bewustzijn ‘uit de tijd’
Het geldt wat mij betreft voor alle concrete, fysieke voorstellingen, zowel voor de bruine kroeg in de hemel als voor de 72 maagden in de islam, maar net zo goed voor de ‘wederopstanding des vleses’. Al die vleselijke voorstellingen zijn te veel ‘taliter’: hetzelfde als ons aan ruimte en tijd gebonden bestaan hier en nu. De totale werkelijkheid is groter, vele malen groter, dan de fysieke gestalten die wij kennen en ons voor kunnen stellen.
Einstein: Er zijn werelden om ons heen die wij niet kunnen waarnemen. Kijk, now we’re talking! Het gaat al mis in de uitdrukking ‘leven na de dood’. Die kan niet bestaan. Leven is een biologisch begrip en daar kan in de dood immers geen sprake van zijn. Of, zoals  cardioloog/onderzoeker van bijna-doodervaringen Pim van Lommel het formuleert in zijn gesprek met Fokke Obbema (Volkskrant 30 december 2022): ‘Leven is een biologisch principe en dat eindigt met de dood van het lichaam. Er is dus geen leven na de dood, maar er is wel sprake van continuïteit van bewustzijn.’  

Waarom spreekt deze terminologie van ‘bewustzijn’ mij meer aan dan zo’n uitdrukking als ‘leven na de dood’? Omdat hier geen sprake is van iets waarin je moet geloven, maar van ervaring. Uiteraard reikt die ervaring niet tot over de grens van de dood maar wel tot vlak ervoor. En wat meer is: ook zonder bijna-doodervaring lijkt een mens in dit leven toe te groeien naar een dieper, eeuwig bewustzijn.

Van Lommel gebruikt consequent de uitdrukking ‘eindeloos bewustzijn’, maar daar zou ik zelf niet voor kiezen. ‘Eindeloos’ veronderstelt nog steeds het bestaan van tijd en roept een sfeer op van ‘gaap gaap gaap’. Je moet toch niet denken aan zoiets als tijd die nooit meer ophoudt.
Wie dit leven verlaat gaat juist ‘uit de tijd’, de uitdrukking die men in Twente en ook wel in Zeeland gebruikt als iemand overleden is: uut de tied. Dat zegt het precies.
Het is bewustzijn uit de tijd. Niet voor te stellen dus maar, wat belangrijker is, het is een bewustzijn van liefde.  

Liefde alleen
Nee, ik geloof niet in leven na de dood. Ik geloof ook niet in eindeloos bewustzijn. Net zo min als ik in God geloof. Ik geloof überhaupt niet. Ik ervaar dingen, heel veel overstijgende, mysterieuze dingen, die ik soms God noem. Zoals de Liefde, die ik dan ook God noem. Als ik ergens bij moet horen – maar dat wil ik niet – schaar ik mij bij liefdesmystici als Rumi.
Als het er op aan komt laat ik zelfs het woord ‘mystiek’ varen, omdat dat toch feitelijk ook een buitensluitende categorie aanduidt, en houd ik alleen de Liefde over. Want alleen Liefde is universeel.     

Ik heb nu eenmaal ervaren dat het leven een leerschool in Liefde is. Dat het alleen om Liefde en om Liefde alleen gaat. Het feit dat we dat blijkbaar in dit leven moeten leren duidt minstens op een vervolg. Een vervolg in een andere dimensie. Waarom zou het leven zo overduidelijk een leerschool zijn als dat niet ergens toe dient?
Mijn ervaring en intuïtie zeggen dat ons leven thuiskomt in een dimensie, die niet gebonden is aan ruimte en tijd. Een dimensie die geen fysieke gestalte nodig heeft, hoe moeilijk dat voor ons ook is voor te stellen.

Ik mag wel zeggen dat ik gaandeweg mijn leven zodanig verinnerlijk, dat de buitenwereld steeds minder belangrijk wordt en dat ik steeds meer een geestelijke werkelijkheid toebehoor. Een ongelooflijk rijke werkelijkheid van pure Liefde, waarin ik opga. Altijd al en ook nu, in een voortdurende transformatie: mijn ik sterft in de Liefde en vindt zo het ware leven. 

Voor mij is dat Pasen.       

 

Over Wim Jansen
Wim Jansen (1950) is theoloog, schrijver en dichter, aan christendom en religie voorbij – en uitgekomen bij de mystiek van de Liefde. Hij is emeritus predikant van Vrijzinnig Delft en de Vrijzinnige Koorkerkgemeenschap in Middelburg en was ook lange tijd werkzaam in het onderwijs, met name aan de Hogeschool Zeeland. Komend voorjaar verschijnt van hem een nieuwe bundel met de mooiste liefdesgedichten, die hij schreef voor zijn geliefde Eliane. Titel: Eliane – liefdeslyriek. Zie voor achtergronden en eerdere publicaties zijn website www.wimjansen.nu.

(Visited 561 times, 1 visits today)
Sluiten